ECLI:NL:RVS:2026:3497
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen vaststelling bestemmingsplan Havenbuurt De Lier ondanks bezwaren ouderenhuisvesting en Didam-arrest
De raad van de gemeente Westland stelde op 16 oktober 2024 het bestemmingsplan 'Havenbuurt te De Lier' vast, dat de ontwikkeling van 323 woningen mogelijk maakt. De Vereniging Groepswonen Initiatief De Lier stelde beroep in tegen dit besluit, stellende dat het plan onvoldoende rekening houdt met de behoefte aan geclusterde ouderenwoningen en dat de verkoop van gronden aan BPD in strijd is met het Didam-arrest.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat alleen beroepsgronden tegen het bestemmingsplan zelf aan de orde kunnen komen, waardoor bezwaren over de samenwerkingsovereenkomst tussen gemeente en BPD buiten beschouwing blijven. Het plan bevat geen regels die woningen exclusief aan ouderen toewijzen, wat niet is toegestaan. De afwijkingen van de woonvisie en realisatieagenda zijn voldoende gemotiveerd en binnen beleidsvrijheid van de raad.
Het Didam-arrest is van toepassing, maar de verkoop van gronden aan BPD vond plaats vóór het arrest en de mogelijke gevolgen daarvan raken niet de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan. Verder zijn de bezwaren over subsidie, het gelijkheidsbeginsel en het vertrouwensbeginsel niet gegrond. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het bestemmingsplan Havenbuurt te De Lier wordt ongegrond verklaard.