ECLI:NL:RVS:2026:4430
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering omgevingsvergunning voor woongebouwen wegens strijd bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad weigerde op 13 juli 2022 een omgevingsvergunning voor de bouw van drie woongebouwen met 22 appartementen op een terrein aan de Noorderhoofdstraat in Krommenie. Het college stelde dat het bouwplan in strijd was met het bestemmingsplan "Krommenie" omdat meerdere hoofdgebouwen op één perceel niet zijn toegestaan. De rechtbank vernietigde dit besluit deels en gaf het college de gelegenheid het gebrek te herstellen, waarna het college een nadere motivering gaf.
De rechtbank oordeelde vervolgens dat het bouwplan inderdaad in strijd was met het bestemmingsplan, maar dat het college onvoldoende had beoordeeld of appellant recht had op schadevergoeding wegens gewekt vertrouwen. Zowel het college als appellant stelden hoger beroep in tegen de uitspraken van de rechtbank.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat het college terecht aansluiting zocht bij de feitelijke situatie van het terrein voor de uitleg van "perceel" en dat het bouwplan meerdere hoofdgebouwen op één perceel betreft, wat strijdig is met het bestemmingsplan. Het college heeft geen gerechtvaardigd vertrouwen gewekt dat de vergunning niet zou worden geweigerd. Het hoger beroep van het college wordt gegrond verklaard, dat van appellant ongegrond, en de eerdere uitspraken van de rechtbank worden vernietigd. Het besluit van het college van 22 januari 2026 over schadevergoeding wordt eveneens vernietigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van het college wordt gegrond verklaard, dat van appellant ongegrond, en het besluit van het college wordt hersteld.