ECLI:NL:CBB:2003:AF6807
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- M.A. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing extra pluimveerecht op grond van milieuvergunning en Meststoffenwet
Appellant stelde beroep in tegen een besluit van de Minister van Landbouw waarin zijn bezwaar tegen de afwijzing van een extra pluimveerecht werd afgewezen. Het geschil betrof de toepassing van artikel 58k van de Meststoffenwet en het daarbij behorende Uitvoeringsbesluit, waarbij appellant stelde dat hij recht had op extra pluimveerechten wegens onomkeerbare investeringsverplichtingen en milieuvergunningen.
De kern van het geschil lag in de vraag of de oude milieuvergunning gedeeltelijk was vervallen, waardoor het verschil in het aantal toegestane kippen op het bedrijf zou leiden tot toekenning van extra pluimveerechten. Het College oordeelde dat zowel de oude als de nieuwe milieuvergunning betrekking hadden op hetzelfde aantal kippen (70.000) en dat geen sprake was van verval van de oude vergunning, omdat de inrichting binnen drie jaar na onherroepelijkheid in werking was gebracht.
Daarmee kon appellant niet in aanmerking komen voor extra pluimveerechten, ondanks dat hij voldeed aan de uitbreidingseis van minimaal 10%. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Het College zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en bevestigde het besluit van 24 januari 2003.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en appellant komt niet in aanmerking voor extra pluimveerechten.