ECLI:NL:CBB:2005:AU7019
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- M.A. van der Ham
- M. van Duuren
- F.W. du Marchie Sarvaas
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van oplegging en opheffing ondertoezichtplaatsing wegens verboden stoffen in varkensbedrijf
Appellanten maakten bezwaar tegen besluiten van de Minister van Landbouw waarbij hun varkensbedrijf onder toezicht werd geplaatst en de daaropvolgende opheffing daarvan, vanwege de aanwezigheid van de verboden stof medroxy-progesteron-acetaat (MPA) in diervoeder en varkens. Het College overweegt dat de besluiten rechtsgeldig zijn genomen en dat de minister bevoegd was tot het opleggen en opheffen van de ondertoezichtplaatsing (OTP).
De aanwezigheid van MPA in het voer en de dieren is vastgesteld via monsters en bevestigd door onderzoek. De minister handelde in overeenstemming met Europese richtlijnen (96/22/EG en 96/23/EG) die het gebruik van dergelijke stoffen verbieden ter bescherming van volksgezondheid en intracommunautaire handel. Appellanten voerden onder meer aan dat de regelgeving onjuist is geïmplementeerd en dat de maatregelen disproportioneel zijn, maar deze bezwaren werden verworpen.
Verder oordeelde het College dat de monsterneming en het onderzoek adequaat waren en dat het recht op contra-expertise niet was geschonden. Ook het beginsel van gelijke behandeling is niet overtreden. De opkoopregeling waar appellanten niet aan konden deelnemen doet niet af aan de rechtmatigheid van de maatregelen. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van appellanten tegen de oplegging en opheffing van de ondertoezichtplaatsing wordt ongegrond verklaard.