ECLI:NL:CBB:2008:BG9075
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- M.A. van der Ham
- J.A. Hagen
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke procedure over tegemoetkoming schade aviaire influenza en rentevergoeding
Appellante, een pluimveebedrijf, maakte aanspraak op een tegemoetkoming voor schade geleden door maatregelen ter bestrijding van aviaire influenza, met name voor vernietigde eieren. Verweerder stelde de waarde van de eieren vast op basis van taxaties en hertaxaties, waarbij een vervoersverbod en marktprijzen werden betrokken. Appellante betwistte de waardebepaling en de exclusie van BTW in de vergoeding. Tevens verzocht zij om rentevergoeding wegens vertraging.
Het College oordeelde dat verweerder terecht uitging van de taxatiewaarde, ook gezien het vervoersverbod dat de marktwaarde beïnvloedde. Het beroep op het EVRM werd verworpen omdat de maatregelen in het algemeen belang waren en het stelsel van risicotoedeling een faire balans bood. De exclusie van BTW was eveneens terecht omdat de eieren niet zijn geleverd en geen omzetbelasting verschuldigd was.
Het College erkende echter dat verweerder onterecht de rentevergoeding had geweigerd en dat de redelijke termijn voor besluitvorming met 2,5 jaar was overschreden, wat recht gaf op een immateriële schadevergoeding van € 2.500. De besluiten werden vernietigd voor zover het de rentevergoeding betrof, en verweerder werd veroordeeld tot betaling van rente en schadevergoeding. Tevens werden proceskosten en griffierecht aan appellante toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, rentevergoeding en immateriële schadevergoeding worden toegekend, en de bestreden besluiten worden vernietigd voor zover het de rentevergoeding betreft.