ECLI:NL:CBB:2009:BJ2560
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- B. Verwayen
- M.A. van der Ham
- J.L.W. Aerts
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing en proceskostenvergoeding bij doding verdachte dieren wegens mond- en klauwzeer
Appellant stelde beroep in tegen het besluit van de Minister van Landbouw om zijn herten verdacht te verklaren van besmetting met mond- en klauwzeer (mkz) en tot doding van deze dieren over te gaan. Dit besluit was genomen na eerdere vernietiging van een soortgelijk besluit door het College. De Minister baseerde zijn besluit op het feit dat de dieren uit het Verenigd Koninkrijk kwamen, waar mkz was uitgebroken, en dat zij tijdens transport mogelijk besmet konden zijn geraakt.
Het College oordeelde dat de Minister zich in redelijkheid op het standpunt kon stellen dat de dieren in de gelegenheid waren geweest besmet te raken. De maatregelen tot doding werden als proportioneel beoordeeld, gelet op de ernst van mkz en het risico op verspreiding. Het standpunt van appellant dat minder ingrijpende maatregelen volstonden, werd verworpen.
Daarnaast stelde appellant een beroep in wegens overschrijding van de redelijke termijn, aangezien de procedure ruim acht jaar had geduurd. Het College erkende een overschrijding van ruim een jaar, die volledig aan de Minister werd toegerekend, en kende een immateriële schadevergoeding van €1.500 toe.
Het College vernietigde het bestreden besluit, maar liet de rechtsgevolgen daarvan in stand. Tevens veroordeelde het de Staat tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het beroep werd gegrond verklaard, het besluit vernietigd met instandhouding van rechtsgevolgen, en de Staat veroordeeld tot schadevergoeding en proceskostenvergoeding.