ECLI:NL:CBB:2009:BJ9441
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- W.E. Doolaard
- E.J.M. Heijs
- M. Munsterman
- Rechtspraak.nl
Gegrond beroep tegen afwijzing wijziging bedrijfstoeslagaanvraag wegens kennelijke fout
Appellanten dienden op 10 mei 2007 een verzamelaanvraag in voor bedrijfstoeslag met een overzicht van gewaspercelen waarop zij slechts een deel van hun toeslagrechten hadden aangegeven voor uitbetaling. Na ontdekking van een ontbrekend kruisje op een pagina met 20 percelen grasland, verzochten zij op 26 oktober 2007 om wijziging van de aanvraag. Verweerder wees dit verzoek af omdat de termijn was verstreken en er geen sprake was van een kennelijke fout.
Het College oordeelt dat de Regeling GLB-inkomenssteun 2006 en de Europese verordeningen een strikte termijn stellen voor wijziging van aanvragen, tenzij sprake is van een kennelijke fout of overmacht. Het beroep op artikel 44 lid 4 van Pro Verordening (EG) nr. 1782/2003 biedt geen zelfstandig recht op latere wijziging buiten de uitvoeringsverordening.
Het College stelt vast dat appellanten onbedoeld slechts een deel van hun toeslagrechten hadden opgegeven, terwijl zij zonder voorbehoud hadden aangegeven alle toeslagrechten te willen benutten. Dit verschil is zo groot dat het bij een summier onderzoek direct opvalt en wijst op een kennelijke fout. Verweerder had appellanten moeten wijzen op deze fout en hen gelegenheid moeten geven de aanvraag te corrigeren.
Daarom wordt het beroep gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten van appellanten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van de uitspraak.