ECLI:NL:CBB:2011:BQ7886
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- J.L.W. Aerts
- E.R. Eggeraat
- E. Dijt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boeteoplegging wegens overtreding Mededingingswet in bouwfraudezaak na overname onderneming
In deze zaak gaat het om een hoger beroep van appellante tegen een boetebesluit van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) wegens overtreding van artikel 6 van Pro de Mededingingswet en artikel 81 EG Pro in het kader van het bouwfraudeonderzoek. De overtreding betreft deelname aan een kartel in de burgerlijke en utiliteitsbouwsector in de periode 1998-2001.
Appellante betwistte de toerekening van de boete aan haar, omdat zij na de overtredingsperiode is overgenomen door een andere moedermaatschappij en haar naam is gewijzigd. Zij stelde dat de boete uitsluitend aan de voormalige moedermaatschappij C had moeten worden opgelegd en dat de huidige onderneming niet aansprakelijk kan worden gehouden.
Het College oordeelt dat de overtreding mede door de economische eenheid is begaan waartoe zowel moedermaatschappij C als de werkmaatschappij D B.V. (thans appellante) behoorden. De juridische entiteit D B.V. bestaat nog steeds onder een andere naam en is derhalve aansprakelijk voor de overtreding. De wijziging van eigendom en bestuur na de overtredingsperiode doet hieraan niet af. Het College bevestigt de uitspraak van de rechtbank dat NMa bevoegd was de boete aan appellante op te leggen en wijst het beroep af.
Uitkomst: Het College bevestigt de boeteoplegging aan appellante ondanks de overname en naamswijziging van de onderneming.