ECLI:NL:CBB:2012:BZ2565
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- E.R. Eggeraat
- W.E. Doolaard
- G.P. Kleijn
- Rechtspraak.nl
Vaststelling boete voor verkeerd gebruik gewasbeschermingsmiddel en recht op contra-expertise
De Staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie legde A een boete van €2.000,- op wegens het gebruik van een gewasbeschermingsmiddel in strijd met de wettelijke voorschriften. A stelde dat hij niet was gewezen op het recht op contra-expertise en betwistte de juistheid van de monsterneming.
De rechtbank verklaarde het beroep van A gegrond en vernietigde het besluit, omdat A onvoldoende was geïnformeerd over de mogelijkheid van een tweede monster, wat in strijd zou zijn met het beginsel van fair play en zorgvuldigheid.
In hoger beroep stelde de Staatssecretaris dat de Awb slechts verplicht tot het nemen van een tweede monster op verzoek van de belanghebbende en dat hij niet verplicht was A hier actief op te wijzen. Het College bevestigde deze lijn en oordeelde dat de Staatssecretaris niet in strijd met zorgvuldigheid had gehandeld.
Het College stelde vast dat de boete weliswaar terecht was opgelegd, maar dat de hoogte moest worden aangepast naar €1.500,- conform de geldende wetgeving op het moment van uitspraak. Het beroep van A werd gegrond verklaard voor zover het de hoogte van de boete betrof, en de eerdere uitspraak van de rechtbank werd vernietigd.
Uitkomst: De boete voor verkeerd gebruik van een gewasbeschermingsmiddel wordt vastgesteld op €1.500,- en het eerdere vonnis van de rechtbank wordt vernietigd.