ECLI:NL:CBB:2019:29
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens verjaring bevoegdheid invordering dwangsommen
Appellant kreeg een last onder dwangsom opgelegd met vier maatregelen die niet tijdig werden uitgevoerd, waarna meerdere dwangsommen werden verbeurd. Verweerder heeft deze dwangsommen ingevorderd en het bezwaar van appellant ongegrond verklaard. Appellant stelde dat de bevoegdheid tot invordering was verjaard omdat verweerder niet tijdig tot invordering was overgegaan en de verjaring niet tijdig was gestuit.
Het College oordeelde dat de primaire besluiten en acceptgirokaarten geen stuitingshandeling vormen en dat verweerder niet aannemelijk had gemaakt dat de aanmaningen van het CJIB daadwerkelijk tijdig waren verzonden. Hierdoor was de bevoegdheid tot invordering van de dwangsommen verjaard.
Omdat appellant geen procesbelang meer had bij een beoordeling van het bestreden besluit, verklaarde het College het beroep niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang omdat de bevoegdheid tot invordering van de dwangsommen is verjaard.