Het College van Beroep voor het bedrijfsleven heeft op 14 april 2020 een uitspraak tot rectificatie gedaan van haar eerdere uitspraak van 10 maart 2020 (zaaknummer 18/1424). In de oorspronkelijke uitspraak werden meerdere kennelijke onjuistheden vastgesteld, waaronder het aantal melk- en kalfkoeien dat appellante hield op de peildatum, onjuiste vermelding van de bijzondere omstandigheden op het bedrijf, en een foutief bedrag aan proceskosten.
De rectificatie betreft onder meer de correctie van het aantal koeien van 188 naar 88, de juiste omschrijving van de bijzondere omstandigheden als verbouwing in plaats van ziekte, en het corrigeren van het proceskostenbedrag van € 1.025,- naar € 1.050,-. Het bedrag is gebaseerd op 1 punt voor het indienen van het beroepschrift en 1 punt voor het verschijnen ter zitting, elk met een waarde van € 525,-.
De uitspraak tot rectificatie is openbaar uitgesproken en bevat een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak. De voorzitter en griffier waren verhinderd te ondertekenen, maar de uitspraak is rechtsgeldig. De rectificatie zorgt voor een juiste weergave van de feiten en de proceskosten in de procedure tussen appellante en de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.