ECLI:NL:CBB:2021:169
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering volledige ontheffing MVEV-component overlijdensrisico voor startende DC-kring pensioenfonds
Appellante, een pensioenfonds met een startende DC-kring, verzocht DNB om volledige ontheffing van het minimaal vereist eigen vermogen (MVEV) voor de overlijdensrisicocomponent. DNB verleende slechts een gedeeltelijke ontheffing door de MVEV-component te maximeren op 1% van de technische voorzieningen, onder de voorwaarde dat de herverzekering van het overlijdensrisico gehandhaafd blijft.
De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van appellante ongegrond, stellende dat de herverzekering geen volledige zekerheid biedt omdat deze tussentijds kan worden aangepast of opgezegd, en dat een buffer noodzakelijk blijft. Appellante stelde in hoger beroep dat de risico’s die DNB en de rechtbank noemen niet relevant zijn en dat de herverzekering een volledige dekking biedt.
Het College oordeelt dat DNB bevoegd was om de ontheffing te beperken en dat de herverzekering geen volledige garantie biedt tegen overlijdensrisico’s. De maatstaf van DNB is niet onredelijk of te streng. Ook de termijn van één jaar voor de ontheffing is gerechtvaardigd gezien de startende aard van de DC-kring en de noodzaak om jaarlijks de situatie te beoordelen.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de beperking van de ontheffing tot 1% van de technische voorzieningen bevestigd.