ECLI:NL:CBB:2025:668
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- T. Pavićević
- A. van Gijzen
- P.H.A. Knol
- Rechtspraak.nl
Bevestiging randvoorwaardenkorting wegens overschrijding meststoffengebruik en nalatigheid
De vennootschap exploiteerde een melkveebedrijf en kreeg in 2017 en 2018 een randvoorwaardenkorting van 3% opgelegd door de minister van Landbouw wegens overschrijding van de gebruiksnormen voor meststoffen, vastgesteld op basis van de Meststoffenwet en Europese regelgeving.
Inspecties van de NVWA toonden aan dat voerkuilen waren geopend voordat ze waren gemeten en bemonsterd, waardoor de BEX-berekeningen onbetrouwbaar werden en de gebruiksnormen werden overschreden. De minister handhaafde de korting na bezwaar, waarop de vennootschap beroep instelde.
Het College oordeelde dat de minister bevoegd was de korting op te leggen en dat deze een administratieve sanctie betreft, geen strafrechtelijke maatregel. De vennootschap kon geen gegronde belangenafweging aantonen die de korting zou rechtvaardigen. De korting van 3% is passend gezien de nalatigheid en ernst van de overtredingen.
De beroepen zijn daarom ongegrond verklaard en de minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak bevestigt de toepassing van het sanctiestelsel binnen het GLB en de naleving van Europese en nationale regelgeving inzake meststoffengebruik.
Uitkomst: Het beroep van de vennootschap tegen de randvoorwaardenkorting van 3% wordt ongegrond verklaard en de korting blijft gehandhaafd.