Uitspraak
[X] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats], gemeente [gemeente],
gemachtigde: mr. P.W. van Kooij van La Gro Geelkerken advocaten te Leiden,
[Y] B.V.,
hierna te noemen: [Y],
gemachtigde: mr. M. Buitelaar van Cees Advocaten te Naaldwijk.
Het geding in eerste aanleg
Het gaat om een ontwerp van een pachtovereenkomst tussen [Y] als verpachtster en [X] als pachtster. De grondkamer Zuidwest heeft bij beschikking van 8 november 2019 de ontwerp-pachtovereenkomst goedgekeurd.
Het geding in hoger beroep
- het beroepschrift van [X] met bijlagen, dat de Centrale Grondkamer heeft ontvangen op 13 december 2019;
- de brief van 17 januari 2020 van [X] met bijlage;
- de brief van 19 februari 2020 van [X];
- de brief van 10 maart 2020 van [Y] met bijlagen;
- de brief van 28 april 2020 van [X];
- de brief van 19 mei 2020 van [Y];
- het e-mailbericht van 28 mei 2020 van de gemachtigde van [Y];
- de brief van 2 juli 2020 van [Y];
- de brief van 19 augustus 2020 van [X].
Beoordeling van het geschil in hoger beroep
De Centrale Grondkamer zal hierna eerst ingaan op de vraag of [X] ontvankelijk is in haar beroep. Die vraag zal de Centrale Grondkamer bevestigend beantwoorden. Daarna zal de Centrale Grondkamer ingaan op de vraag of goedkeuring moet worden gegeven aan de ontwerp-pachtovereenkomst. Die vraag zal de Centrale Grondkamer ontkennend beantwoorden.
lid 3 van dat artikel bepaalde, aan partijen, belanghebbenden en de verzoeker binnen een maand nadat de beschikking aan hen is verzonden beroep open bij de Centrale Grondkamer. Volgens lid 3 van dat artikel kan onder meer geen beroep door pachter of verpachter worden ingesteld indien een ontwerp-pachtovereenkomst ongewijzigd wordt goedgekeurd.
Beslissing
H.L. Wattel en de deskundige leden ir. W.G. Nijlant en ing. C.R.M. van Wijk-Francissen, in tegenwoordigheid van mr. M. Vriend als griffier.