ECLI:NL:CRVB:2000:AA5804
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Betaling winstaandeel door derde als loon in dienstbetrekking volgens Coördinatiewet Sociale Verzekering
In deze zaak staat centraal of de door X in december 1993 aan werknemers van appellantes betaalde uitkering van 9,8% van het loon over 1992 als loon uit dienstbetrekking moet worden aangemerkt voor de premies sociale werknemersverzekeringen. De Centrale Raad van Beroep stelt vast dat de werknemers in dienstbetrekking stonden bij appellantes en dat de uitkering voortvloeit uit afspraken in het kader van de arbeidsovereenkomst, vastgelegd in een memo aan de groepsondernemingsraad.
De Raad concludeert dat de betaling een direct gevolg is van de arbeidsovereenkomst en dus als loon moet worden beschouwd, ondanks dat de betaling door een derde is gedaan en niet is doorbelast aan appellantes. Daarnaast oordeelt de Raad dat de verzuimregistraties, opgelegd aan appellantes 1, 3 en 4, niet in stand kunnen blijven omdat het ingenomen standpunt als een verdedigbare interpretatie kan worden aangemerkt.
De bestreden uitspraken en besluiten worden vernietigd voor zover zij de premiecorrecties en verzuimregistraties betreffen. De beroepen van appellantes 1, 2 en 3 worden ongegrond verklaard. Het Landelijk instituut sociale verzekeringen wordt veroordeeld in de proceskosten en dient griffierechten te vergoeden. De uitspraak is gedaan door de Centrale Raad van Beroep op 20 april 2000.
Uitkomst: De betaling van het winstaandeel door een derde wordt als loon uit dienstbetrekking aangemerkt en de verzuimregistraties worden vernietigd.