ECLI:NL:CRVB:2000:ZB8821
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.G. Treffers
- G.A.J. van den Hurk
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit beëindiging bijstandsuitkering wegens gezamenlijke huishouding
Appellante maakte bezwaar tegen de beëindiging van haar bijstandsuitkering op grond van het voeren van een gezamenlijke huishouding met appellant. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant niet-ontvankelijk omdat hij geen zelfstandig belanghebbende was en geen zelfstandig bezwaar had gemaakt. De Raad bevestigt deze niet-ontvankelijkheid.
De Raad stelt vast dat appellante en appellant op het relevante moment hun hoofdverblijf in dezelfde woning hadden, maar dat onvoldoende feiten zijn gesteld over wederzijdse verzorging. De toepassing van artikel 3, derde lid, aanhef en onder a, van de Algemene Bijstandswet (Abw) door gedaagde is onjuist omdat de situatie waarin appellanten eerder als gehuwden werden aangemerkt buiten de tweejaarstermijn van het Besluit aanwijzing registraties gezamenlijke huishouding valt.
De Raad oordeelt dat het bestreden besluit vernietigd moet worden wegens strijd met artikel 7:12, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en beveelt gedaagde een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Verder wordt appellante het betaalde recht in beroep en hoger beroep vergoed.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot beëindiging van de bijstandsuitkering wordt vernietigd en appellante krijgt een nieuw besluit toegezegd.