ECLI:NL:CRVB:2000:ZB9092
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.I. 't Hooft
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- R.M. van Male
- Rechtspraak.nl
Vervoerskostenvergoeding geweigerd op grond van onvoldoende medische beperkingen volgens WVG
Appellant, het College van burgemeester en wethouders van Valkenswaard, weigerde gedaagde een vervoerskostenvergoeding toe te kennen op grond van de Wet voorzieningen gehandicapten (WVG). Gedaagde stelde beroep in tegen dit besluit, dat door de rechtbank werd vernietigd vanwege onvoldoende zorgvuldige advisering en het niet volledig aanleveren van medische stukken.
In hoger beroep betoogde appellant dat de besluitvorming wel zorgvuldig was en dat alle relevante medische gegevens, waaronder meerdere GGD-rapporten en brieven van de cardioloog en huisarts, waren betrokken. Gedaagde weigerde toestemming te geven voor toezending van bepaalde medische stukken, waardoor appellant niet alle documenten kon overleggen.
De Raad concludeerde dat de medische advisering wel degelijk deugdelijk was en dat appellant niet kon worden verweten niet alle stukken te hebben overgelegd, omdat toestemming van gedaagde ontbrak. Op basis van de beschikbare gegevens oordeelde de Raad dat gedaagde niet was aangewezen op een vervoersvoorziening, omdat hij gebruik kon maken van het openbaar vervoer en relevante afstanden te voet of per fiets kon overbruggen.
De Raad vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep van gedaagde ongegrond, waarmee de weigering tot vergoeding werd bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van gedaagde wordt ongegrond verklaard en de weigering van de vervoerskostenvergoeding blijft in stand.