ECLI:NL:CRVB:2002:AF2588
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.I. 't Hooft
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van hulpbehoevendheid en uitkeringsverhoging Wajong bij psychiatrische aandoening
De zaak betreft een geschil over de weigering van een uitkeringsverhoging op grond van hulpbehoevendheid ingevolge de Wajong. Gedaagde, met een ernstig psychiatrisch ziektebeeld en een arbeidsongeschiktheidsuitkering van 80-100%, had een verzoek ingediend voor verhoging van zijn uitkering wegens hulpbehoevendheid. Appellant wees dit af omdat gedaagde volgens het beleid niet in een toestand van geregelde oppassing en verzorging verkeerde.
De rechtbank had het besluit vernietigd omdat zij oordeelde dat het beleid onvoldoende rekening hield met psychische verzorging en structuur die gedaagde nodig heeft om zijn dagelijkse levensfuncties te verrichten. Gedaagde is afhankelijk van voortdurende controle en aansporing door familieleden om medicatie in te nemen en maaltijden te gebruiken.
De Centrale Raad van Beroep herzag dit oordeel en bevestigde het beleid van appellant. Volgens de Raad valt de noodzakelijke psychische begeleiding onder geregelde oppassing, maar niet onder verzorging die fysieke hulp bij essentiële dagelijkse levensverrichtingen vereist. De Raad concludeerde dat gedaagde niet recht heeft op verhoging van zijn uitkering en vernietigde de uitspraak van de rechtbank, waarbij het beroep van appellant alsnog ongegrond werd verklaard.
Uitkomst: De uitkeringsverhoging wegens hulpbehoevendheid wordt geweigerd omdat de noodzakelijke psychische begeleiding niet gelijkgesteld kan worden aan fysieke verzorging.