ECLI:NL:CRVB:2003:AF7298
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Vernietiging schuldig nalatigverklaring over 1994 wegens onvoldoende onderzoek faillissement
Appellant stelde hoger beroep in tegen de schuldig nalatigverklaring door de Sociale verzekeringsbank (SVB) over de jaren 1993 en 1994 betreffende niet-betaalde premies volksverzekeringen. De belastingdienst meldde een openstaande schuld en een faillissement dat wegens gebrek aan baten was opgeheven.
De Raad oordeelde dat de aanslag over 1993 definitief was en niet was betaald, waardoor de nalatigheid terecht was vastgesteld. Voor 1994 stelde appellant dat de aanslag niet definitief was en dat administratieve stukken zoekgeraakt waren, waardoor de schuld niet kon worden vastgesteld. De Raad vond dat gedaagde onvoldoende onderzoek had gedaan naar de omstandigheden van het faillissement en de invorderbaarheid van de aanslagen.
Daarom werd de schuldig nalatigverklaring over 1994 vernietigd en werd gedaagde opgedragen een nieuw besluit te nemen. De Raad veroordeelde tevens de Sociale verzekeringsbank tot vergoeding van de proceskosten van appellant in eerste aanleg en hoger beroep.
Uitkomst: De schuldig nalatigverklaring over 1994 wordt vernietigd wegens onvoldoende onderzoek, die over 1993 blijft gehandhaafd.