ECLI:NL:CRVB:2003:AO0729
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring bezwaar terugvordering WAJONG-uitkering onzorgvuldig
Appellante ontving een WAJONG-uitkering en werd geconfronteerd met een terugvordering over de periode juli 1999 tot december 2000. Zij maakte mondeling bezwaar tijdens een loketgesprek in mei 2001, maar diende het schriftelijk bezwaarschrift pas in juli 2001 in, wat door het UWV als te laat werd beschouwd. Het bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard vanwege deze termijnoverschrijding.
De rechtbank bevestigde deze niet-ontvankelijkverklaring, waarbij werd geoordeeld dat de mondelinge mededeling tijdens het loketgesprek niet voldeed aan de vereisten van een bezwaarschrift volgens de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In hoger beroep stelde appellante dat het loketrapport als bezwaarschrift had moeten worden aangemerkt, mede vanwege haar psychische problemen die schriftelijke indiening bemoeilijkten.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het UWV onvoldoende onderzoek had gedaan naar het oogmerk van appellante met haar mondelinge mededeling. Het loketrapport had als bezwaarschrift kunnen dienen, en appellante had de gelegenheid moeten krijgen dit schriftelijk te bevestigen. Daarom werd het bestreden besluit vernietigd en werd het UWV opgedragen een nieuw besluit te nemen, met inachtneming van deze uitspraak.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de terugvordering WAJONG-uitkering is terecht ontvankelijk verklaard en het bestreden besluit vernietigd.