ECLI:NL:CRVB:2004:AO4682
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- K. Zeilemaker
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep wegens overschrijding beroepstermijn en wijziging belanghebbende niet toegestaan
Appellant, werkzaam bij het gemeentelijk vervoerbedrijf RET, stelde beroep in tegen een rechtspositioneel besluit van de gemeente Rotterdam. Aanvankelijk werd namens 19 belanghebbenden beroep ingesteld, waarna later een lijst met 108 belanghebbenden, waaronder appellant, werd ingediend, maar pas na het verstrijken van de beroepstermijn.
De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat de lijst met 108 belanghebbenden te laat was ingediend en de identiteit van appellant niet tijdig bekend was. Appellant stelde dat hij op grond van artikel 6:6 Awb Pro en de Procesregeling bestuursrecht in de gelegenheid had moeten worden gesteld het verzuim te herstellen.
De Raad oordeelt dat na het verstrijken van de beroepstermijn geen wisseling van de identiteit van belanghebbenden kan plaatsvinden, tenzij in zeer bijzondere omstandigheden, die hier niet aanwezig zijn. Er was geen sprake van een kennelijke verschrijving of andere bijzondere omstandigheden. Ook was er geen sprake van een verzuim dat hersteld kon worden volgens artikel 6:6 Awb Pro.
De Raad bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard vanwege overschrijding van de beroepstermijn en het niet tijdig vermelden van de appellant als belanghebbende.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn en het niet tijdig vermelden van appellant als belanghebbende.