ECLI:NL:CRVB:2010:BL4450
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding en onbekende indiener
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van het College van burgemeester en wethouders van Arnhem om de bijstand per 1 december 2007 te beëindigen. Het bezwaar werd pas op 23 april 2008 ingediend, terwijl een eerdere e-mail van 15 januari 2008 niet als tijdig bezwaar werd erkend omdat de identiteit van de indiener niet kon worden vastgesteld.
De rechtbank verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding, wat door de Centrale Raad van Beroep werd bevestigd. De Raad oordeelde dat de e-mail niet van appellant afkomstig was, omdat deze niet zijn naam bevatte en afkomstig was van een e-mailaccount van een ander persoon. Tevens was niet gesteld dat het bezwaar specifiek tegen het besluit van 4 januari 2008 was gericht.
De Raad benadrukte dat de identiteit van de indiener vóór het verstrijken van de bezwaartermijn bekend moet zijn, en dat een bezwaar door of namens een onbekende persoon niet kan worden hersteld. Er waren geen bijzondere omstandigheden die een verschoningsgrond opleverden. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het bezwaar tegen het besluit tot intrekking van bijstand is niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding en onbekende indiener.