ECLI:NL:CRVB:2004:AR4964
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- A.B.J. van der Ham
- S.W. van Osch-Leysma
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvraag wegens niet-nakoming inlichtingenverplichting
Appellant diende een aanvraag om bijstand in, die door het College van burgemeester en wethouders van Groningen werd afgewezen wegens onvoldoende verstrekte inlichtingen over een lijfrenteverzekering. De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond en wees het beroep af. In hoger beroep stelde appellant dat relevante stukken over de afkoopwaarde van de lijfrente niet waren betrokken.
De Raad oordeelde dat het bestuursorgaan bij de heroverweging van het besluit niet alle relevante stukken heeft betrokken, waardoor het besluit van 27 februari 2001 vernietigd moest worden. Echter, omdat appellant niet de benodigde informatie van zijn verzekeraar heeft verstrekt, bleef hij in gebreke om aan zijn medewerkingsplicht te voldoen.
Hierdoor kon het recht op bijstand niet worden vastgesteld en was de afwijzing terecht, zij het op niet geheel juiste gronden. De Raad wees een verzoek tot voorlopige voorziening af en veroordelde de gemeente in de proceskosten van appellant. Het verzoek tot schadevergoeding werd eveneens afgewezen.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand vanwege niet-nakoming van de inlichtingenplicht.