ECLI:NL:CRVB:2005:AT9984
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstandsuitkering wegens productieve arbeid als voorzitter stichting
Appellant, die zich sinds 1995 bezighield met belangeloze hulpverlening aan dak- en thuislozen, richtte een stichting op waarvan hij onbezoldigd voorzitter werd. Het College van burgemeester en wethouders van Apeldoorn beëindigde daarop zijn recht op bijstand, omdat hij productieve arbeid verrichtte die ten minste het wettelijk minimumloon oplevert.
Na verschillende besluiten en bezwaarprocedures, waarbij de rechtbank een eerdere afwijzing vernietigde wegens onjuiste toepassing van de Algemene wet bestuursrecht, werd het bezwaar opnieuw ongegrond verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond.
In hoger beroep oordeelt de Raad dat appellant geen wijziging van omstandigheden heeft aangetoond die recht zou geven op bijstand. De Raad bevestigt dat de werkzaamheden als voorzitter productieve arbeid zijn met economische waarde, en dat eerdere onherroepelijke besluiten hierover niet ter discussie staan. De Raad ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling en bevestigt de uitspraak.
Uitkomst: De afwijzing van de aanvraag bijstandsuitkering wordt bevestigd omdat appellant productieve arbeid verrichtte met economische waarde.