ECLI:NL:CRVB:2005:AU5458
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Weigering WW-uitkering wegens verwijtbare werkloosheid na onredelijke functiewijziging
Gedaagde trad op 1 augustus 2002 in dienst bij een uitzendbureau en werd geplaatst bij Sélectif b.v. als projectmanager op HBO-niveau. Feitelijk verrichtte hij echter administratieve werkzaamheden op lager niveau, zonder uitzicht op doorstroming naar de overeengekomen functie.
De arbeidsovereenkomst bood slechts een intentie tot doorstroming zonder concrete planning, en gedaagde weigerde het aangeboden contract voor een lagere functie te tekenen. De werkgever kon niet aannemelijk maken dat de werkzaamheden onderdeel waren van een inwerkperiode.
De Raad oordeelde dat het onredelijk was om van gedaagde te verlangen de dienstbetrekking voort te zetten onder deze omstandigheden. Daarom was de weigering van de WW-uitkering terecht omdat gedaagde verwijtbaar werkloos was geworden. De Raad veroordeelde appellant tot betaling van proceskosten.
Uitkomst: De weigering van de WW-uitkering wegens verwijtbare werkloosheid wordt bevestigd.