ECLI:NL:CRVB:2005:AU5674
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit premiedifferentiatie WAO bij overgang deel onderneming onderwijsinstelling
Appellante stelde beroep in tegen het besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) tot vaststelling van de gedifferentieerde WAO-premie over 2004, naar aanleiding van de verzelfstandiging van een onderwijsinstelling die voorheen onderdeel was van de gemeente Amsterdam.
De rechtbank had het beroep ongegrond verklaard, waarbij werd geoordeeld dat de naar rato toepassing van artikel 5, tweede lid, van het Besluit premiedifferentiatie WAO betrekking heeft op het deel van de loonsom van het overgedragen deel van de onderneming en niet op individuele werknemers. Tevens werd bevestigd dat arbeidsongeschiktheidsuitkeringen die langer dan vijf jaar lopen niet in aanmerking worden genomen.
De Centrale Raad van Beroep onderschrijft deze beoordeling en voegt toe dat het besluit van 21 november 2000, waarin de verdeelsleutel van 0,97% werd vastgesteld, formele rechtskracht heeft gekregen. De Raad wijst het beroep af en bevestigt dat de arbeidsongeschiktheidslasten correct zijn toegerekend aan de verkrijgende werkgever volgens de wettelijke regeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de vaststelling van de gedifferentieerde WAO-premie over 2004 wordt ongegrond verklaard en het besluit bevestigd.