ECLI:NL:CRVB:2005:AU7758
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- C. van Viegen
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Onterechte beëindiging en terugvordering van bijstand wegens onvoldoende bewijs van inkomsten
Appellant ontving bijstand vanaf 4 februari 1998. Het College van burgemeester en wethouders van Veendam beëindigde het recht op bijstand met ingang van 1 mei 2002 en reviseerde het recht over de periode van 2 maart 1999 tot 30 april 2002, met terugvordering van € 27.219,28. Dit was gebaseerd op een anonieme melding, verklaringen van getuigen en een rapport van sociale recherche.
Appellant ontkende betrokkenheid bij het vermeende bedrijf en stelde dat de belastende verklaringen voortkwamen uit persoonlijke onenigheid. De Raad oordeelde dat de stukken onvoldoende feitelijke grondslag boden om het standpunt van gedaagde te ondersteunen. De anonieme melding en verklaringen van getuigen waren onvoldoende bewijs voor het verrichten van activiteiten als acquisiteur.
De Raad concludeerde dat appellant niet tekort was geschoten in zijn informatieplicht, waardoor het besluit tot intrekking en terugvordering onrechtmatig was. De eerdere uitspraak van de rechtbank werd vernietigd, het beroep van appellant gegrond verklaard en het besluit van 26 november 2002 vernietigd. Gedaagde moet een nieuw besluit nemen en werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het besluit tot beëindiging en terugvordering van bijstand wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs en het beroep van appellant wordt gegrond verklaard.