ECLI:NL:CRVB:2006:AV5297
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- Rechtspraak.nl
Herbeoordeling WAO-uitkering en intrekking toeslag wegens onvoldoende passende functies
Appellant maakte bezwaar tegen besluiten van het UWV die zijn WAO-uitkering herbeoordeelden van 80-100% naar 15-25% arbeidsongeschiktheid en de toeslag op zijn uitkering introkken. De rechtbank verklaarde het besluit van 30 oktober 2002, dat de uitkering vaststelde op 25-35% arbeidsongeschiktheid, in stand.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat onvoldoende passende functies resteren om de herziening te rechtvaardigen, waardoor het besluit in strijd is met het Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten. De medische beoordeling is zorgvuldig en voldoende onderbouwd, maar de arbeidskundige beoordeling faalt deels, met name omdat de functie junior medewerker debiteuren niet passend is vanwege onvoldoende diploma en de functie verkooptelefonist vanwege twijfel over taalbeheersing.
De Raad vernietigt het besluit en de uitspraak van de rechtbank en beveelt het UWV een nieuw besluit te nemen waarbij rekening wordt gehouden met deze overwegingen. Tevens wordt het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten.
Uitkomst: Het besluit tot herziening van de WAO-uitkering en intrekking van de toeslag wordt vernietigd en het UWV dient een nieuw besluit te nemen.