ECLI:NL:CRVB:2006:AV7688
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens schending inlichtingenplicht
Appellant ontving sinds oktober 1997 bijstand en verrichtte vanaf augustus 2000 werkzaamheden op de Beverwijkse Bazaar. De gemeente Amsterdam stelde een onderzoek in en concludeerde dat appellant geen deugdelijke boekhouding voerde, waardoor zijn recht op bijstand niet kon worden vastgesteld. Op 5 juli 2002 trok de gemeente het recht op bijstand in en vorderde de reeds ontvangen bedragen terug.
Appellant maakte bezwaar en vroeg opnieuw bijstand aan, maar dit werd afgewezen wegens het ontbreken van een deugdelijke administratie en het ontbreken van gewijzigde omstandigheden. De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond. In hoger beroep voerde appellant aan dat hij wel een juiste administratie had, maar dat een boekhouder een ondeugdelijke boekhouding had opgesteld.
De Raad oordeelde dat appellant zijn inlichtingenplicht had geschonden en dat de overgelegde boekhouding niet deugdelijk was omdat deze was gebaseerd op niet-verifieerbare gegevens. Er waren geen dringende redenen om van intrekking of terugvordering af te zien. De aanvraag tot hernieuwde bijstand werd afgewezen omdat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat de omstandigheden waren gewijzigd.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde het vonnis van de rechtbank en zag geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van de bijstandsuitkering worden bevestigd wegens het niet voeren van een deugdelijke administratie en schending van de inlichtingenplicht.