ECLI:NL:CRVB:2006:AX7229
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- J.J.A. Kooijman
- J.N.A. Bootsma
- Rechtspraak.nl
Intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens gezamenlijke huishouding
Appellante ontving bijstand naar de norm voor een alleenstaande ouder, terwijl zij samen met haar ex-echtgenoot een gezamenlijke huishouding voerde zonder dit te melden aan het College van burgemeester en wethouders van Haarlem. Het College herzag en trok de bijstandsuitkering in over verschillende periodes en vorderde de ten onrechte ontvangen bedragen terug.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellante en haar ex-echtgenoot vanaf medio 1999 tot januari 2004 een gezamenlijke huishouding voerden, waarbij appellante haar inlichtingenplicht schond door dit niet te melden. Dit rechtvaardigde de herziening, intrekking en terugvordering van de bijstand.
Daarnaast werd vastgesteld dat de rechtbank ten onrechte niet had geoordeeld over de medeterugvordering van bijstand die aan de ex-echtgenoot was verleend, welke de Raad nu bevestigt. Het College werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellante.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen de intrekking en terugvordering van bijstand wordt afgewezen en de medeterugvordering bevestigd.