ECLI:NL:CRVB:2006:AX7440
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.A.J. van den Hurk
- Th.C. van Sloten
- R.M. van Male
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid en ontvankelijkheid van bezwaar na faillissement bij aanvraag bijstand
Appellante werd failliet verklaard en vroeg bijstand aan. Het College stelde haar aanvraag buiten behandeling en verklaarde haar bezwaar tegen dit besluit niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding. De rechtbank oordeelde dat alleen de curator beroep kon instellen, waardoor appellante niet-ontvankelijk werd verklaard.
De Centrale Raad van Beroep vernietigde deze uitspraak en oordeelde dat het bezwaarrecht niet tot de failliete boedel behoort, zodat appellante bevoegd was het bezwaar in te dienen. De Raad stelde vast dat het besluit van het College deugdelijk was bekendgemaakt, waardoor de bezwaartermijn was gestart.
Toch werd appellante niet in verzuim geacht omdat zij het besluit pas later ontving via haar advocaat. Daarom was het bezwaar tijdig ingediend. De Raad vernietigde het besluit van niet-ontvankelijkheid en veroordeelde het College tot vergoeding van de proceskosten. Het College moet een nieuw besluit nemen op het bezwaar.
Uitkomst: Het bezwaar van appellante is ontvankelijk verklaard en het besluit van het College niet-ontvankelijkverklaring is vernietigd; het College moet een nieuw besluit nemen.