ECLI:NL:CRVB:2006:AY6149
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- Rechtspraak.nl
Herziening met terugwerkende kracht van aanvullende studiefinanciering en terugvordering te veel betaalde beurs
De zaak betreft een hoger beroep van de hoofddirectie van de Informatie Beheer Groep tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam over de herziening van een aanvullende studiefinancieringsbeurs. Aan betrokkene was aanvankelijk een aanvullende beurs toegekend op basis van een voorlopige inkomensopgave van de ouders. Later werd op grond van definitieve gegevens het bedrag met terugwerkende kracht herzien en werd vastgesteld dat betrokkene te veel had ontvangen, hetgeen moest worden terugbetaald of verrekend.
De rechtbank had geoordeeld dat herziening met terugwerkende kracht alleen mogelijk was indien het voor betrokkene redelijkerwijs duidelijk was dat de oorspronkelijke vaststelling onjuist was. De Raad stelt echter dat dit criterium niet geldt voor herziening op grond van onjuiste of onjuist verwerkte gegevens, zoals bedoeld in artikel 7.1, tweede lid, onder c, van de Wet studiefinanciering 2000. De wetgever heeft bewust gekozen voor een onderscheid in herzieningsgronden waarbij kennis van de betrokkene geen rol speelt bij deze grond.
De Raad bevestigt dat de IB-Groep bevoegd is tot volledige herziening indien te veel studiefinanciering is toegekend, tenzij er sprake is van meerdere fouten en de betrokkene redelijkerwijs niet kon weten dat het besluit onjuist was. In deze zaak is geen sprake van meerdere fouten of bijzondere omstandigheden die afwijking van het beleid rechtvaardigen. Betrokkene heeft ook niet aangevoerd dat het te verrekenen bedrag onjuist is vastgesteld.
Daarom vernietigt de Raad de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond, waarmee de herziening en terugvordering door de IB-Groep rechtmatig zijn.
Uitkomst: De herziening van de aanvullende beurs en terugvordering van te veel betaalde bedragen door de IB-Groep is rechtmatig verklaard en het beroep van betrokkene ongegrond verklaard.