ECLI:NL:CRVB:2007:AZ9200
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- J.J.A. Kooijman
- L.H. Waller
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit terugvordering bijstand wegens onjuiste bevoegdheidsgrondslag
Appellant ontving bijstand sinds 1994, laatstelijk op grond van de WWB. Het College vermoedde verzwegen huurinkomsten en startte een onderzoek, waarna bijstand werd herzien en teruggevorderd. De rechtbank verklaarde het bezwaar tegen het besluit van 19 maart 2004 ongegrond en bepaalde dat het College een nieuw besluit moest nemen.
Het College nam op 22 maart 2006 een nieuw besluit met aangepaste huurinkomsten en ooipremies, maar baseerde dit onterecht op de Algemene bijstandswet (Abw) in plaats van de WWB. De Raad verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk omdat het nieuwe besluit het oude geheel vervangt, vernietigt het besluit van 22 maart 2006 wegens onjuiste grondslag, maar laat de rechtsgevolgen daarvan in stand.
De Raad oordeelt dat appellant huurinkomsten en ooipremies heeft ontvangen en zijn inlichtingenplicht heeft geschonden. Het College mocht de bijstand herzien en terugvorderen. Het beleid van het College om bij schending van de inlichtingenplicht bijstand te herzien en terug te vorderen wordt als redelijk beoordeeld. De Raad veroordeelt het College in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard en het besluit van 22 maart 2006 wordt vernietigd wegens onjuiste bevoegdheidsgrondslag, met in stand blijvende rechtsgevolgen.