ECLI:NL:CRVB:2007:BA0375
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- R.H.M. Roelofs
- L.H. Waller
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstandsuitkering wegens gezamenlijke huishouding onvoldoende onderbouwd
Appellante ontving sinds 1987 een bijstandsuitkering als alleenstaande. In 2006 bezocht de gemeente Tilburg haar woning op basis van vermoedens van een gezamenlijke huishouding met een derde, waarna de bijstand werd ingetrokken.
De voorzieningenrechter verklaarde het bezwaar tegen deze intrekking ongegrond, maar de Raad stelt vast dat het huisbezoek zorgvuldig was, maar dat de rapportage onvoldoende waarborgen biedt dat de verklaring van appellante correct is weergegeven. Bovendien is de zolderverdieping, waar de woonruimte van de derde zou zijn, niet onderzocht.
De Raad concludeert dat onvoldoende objectieve aanwijzingen bestaan voor een gezamenlijke huishouding en dat het enkele feit dat het huurcontract op beider naam staat dit niet rechtvaardigt. Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en het College veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de bijstandsuitkering wordt vernietigd en herroepen wegens onvoldoende onderbouwing van gezamenlijke huishouding.