ECLI:NL:CRVB:2007:BA0850
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit bijstand wegens tekortschietend besef van verantwoordelijkheid en opdracht tot nieuw besluit
Betrokkene diende op 21 december 2004 een aanvraag in voor bijstand als alleenstaande ouder. De gemeente Bunschoten verleende bijstand vanaf 21 december 2004 in de vorm van een geldlening van € 56.790,--, gebaseerd op een overschrijding van het vrij te laten vermogen, nadat betrokkene eerder een bedrag van € 67.000,-- op haar bankrekening had ontvangen en binnen twee jaar grotendeels had verbruikt terwijl zij bijstand ontving.
De rechtbank oordeelde dat onvoldoende was aangetoond dat betrokkene een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid had, en vernietigde het besluit. De Centrale Raad van Beroep stelde echter vast dat betrokkene wel degelijk een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid had getoond door het snelle verbruik van het vermogen naast bijstand.
Desondanks vernietigde de Raad het besluit van 13 december 2005 omdat de gemeente bij de vaststelling van het bedrag geen rekening had gehouden met de betaalde belasting van € 6.401,-- over het ontvangen bedrag, wat leidde tot een ondeugdelijke motivering.
De Raad beval de gemeente een nieuw besluit te nemen waarbij rekening wordt gehouden met de belastingbetaling en adviseerde een verantwoorde wijze van interen op het vermogen, namelijk maximaal anderhalf maal de bijstandsnorm per maand. Tevens werd de gemeente veroordeeld tot betaling van de proceskosten van € 322,-- aan betrokkene.
Uitkomst: Het besluit tot verstrekking van bijstand in de vorm van een geldlening wordt vernietigd en de gemeente wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen rekening houdend met belastingbetaling.