ECLI:NL:CRVB:2007:BA1953
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- J.Th. Wolleswinkel
- K.J. Kraan
- Rechtspraak.nl
Herziening en terugvordering BWOO-uitkering wegens schending mededelingsplicht
Appellant ontving vanaf 1997 een BWOO-uitkering die later werd herzien en teruggevorderd wegens vermeende schending van de mededelingsplicht. De minister stelde dat appellant te veel uitkering had ontvangen en vorderde € 42.822,86 terug over de periode mei 1998 tot juni 2003.
De rechtbank had het bestreden besluit tot terugvordering in stand gelaten, stellende dat appellant zijn werkzaamheden onvoldoende had gemeld en daarmee zijn mededelingsplicht had geschonden. De Raad bevestigt dat appellant teveel uitkering ontving door eigen toedoen, maar oordeelt dat het onderzoek naar de juistheid van de uitkering te laat is gestart, namelijk pas in 2003, terwijl het signaal al in november 2000 was ontvangen.
De Raad past de zes-maandenjurisprudentie toe en vernietigt de terugvordering voor het deel dat meer dan zes maanden na het signaal is teruggevorderd. Tevens veroordeelt de Raad de minister tot vergoeding van de proceskosten van appellant en bepaalt dat een nieuw besluit op bezwaar moet worden genomen.
Uitkomst: De terugvordering van de BWOO-uitkering wordt vernietigd voor het deel dat meer dan zes maanden na het signaal is teruggevorderd en de minister wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding.