ECLI:NL:CRVB:2007:BA3411
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.G.M. Simons
- R.H.M. Roelofs
- J.N.A. Bootsma
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep vernietigt intrekkingsbesluit bijstand wegens onvoldoende onderzoek woonadres
Betrokkene ontving bijstand vanaf januari 2003, aanvankelijk op grond van de Algemene bijstandswet en later op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). De gemeente ’s-Gravenhage stelde een onderzoek in naar de rechtmatigheid van de bijstand nadat betrokkene niet was verschenen bij een gesprek en niet werd aangetroffen op het opgegeven adres. Op basis van dit onderzoek trok de gemeente de bijstand per 1 januari 2005 in.
De Centrale Raad van Beroep stelt vast dat betrokkene de inlichtingenplicht heeft geschonden door niet te melden dat hij tijdelijk op wisselende adressen verbleef. De gemeente meende hierdoor het recht op bijstand niet te kunnen vaststellen en trok de bijstand in. Echter, de Raad oordeelt dat de gemeente onvoldoende onderzoek heeft gedaan en betrokkene niet in de gelegenheid heeft gesteld zijn situatie nader toe te lichten.
De voorzieningenrechter had het besluit van intrekking vernietigd wegens ondeugdelijke motivering en onvoldoende onderzoek. De Raad bevestigt dit en beveelt dat de gemeente een nieuw besluit neemt, waarbij de bijstand voorlopig wordt voortgezet. Tevens veroordeelt de Raad de gemeente tot betaling van de proceskosten van betrokkene.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt het intrekkingsbesluit bijstand en beveelt een nieuw besluit na nader onderzoek.