ECLI:NL:CRVB:2007:BA6855
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang bij arbeidsverplichtingen WWB
Appellante was bijstandsgerechtigd en aanvankelijk ontheven van arbeidsverplichtingen onder de Wet werk en bijstand (WWB). Het College van burgemeester en wethouders van Amsterdam wijzigde dit door een besluit van 14 september 2004, waarbij de arbeidsverplichtingen onverkort van toepassing werden verklaard. Na bezwaar paste het College deze verplichtingen aan in een besluit van 25 november 2004, waarbij appellante gedurende een jaar vier dagdelen per week beschikbaar moest zijn voor ondersteuning gericht op arbeidsinschakeling.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellante tegen dit besluit ongegrond. Appellante ging hiertegen in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep. Tijdens de procedure bleek dat het College appellante bij besluit van 8 november 2006 tot 7 november 2007 ontheven had van de arbeidsverplichtingen. Tevens was appellante niet gesanctioneerd voor het niet naleven van de verplichtingen uit het besluit van 25 november 2004, en werd ook geen sanctie overwogen.
Gezien deze omstandigheden en het ontbreken van een verzoek tot schadevergoeding, oordeelde de Raad dat appellante geen procesbelang meer had bij de beoordeling van het hoger beroep. Daarom werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.