ECLI:NL:CRVB:2007:BB1246
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging UWV-besluit over WAO-uitkering na herbeoordeling arbeidsvermogen
Appellante maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om na afloop van de wettelijke wachttijd van 52 weken geen WAO-uitkering toe te kennen wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat het UWV de beperkingen en belastbaarheid van appellante juist had ingeschat.
De Centrale Raad van Beroep stelde echter vast dat de bezwaarverzekeringsarts psychische klachten en beperkingen aanvankelijk had onderschat, waarna de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) werd aangepast. Het psychiatrisch rapport van dr. Sno ondersteunde de aangepaste FML en bracht geen twijfel aan de beoordeling. De Raad oordeelde dat de fysieke beperkingen niet onderschat waren en dat de arbeidskundige onderbouwing met het Claimbeoordelings- en Borgingssysteem (CBBS) voldoende was toegelicht in hoger beroep.
De Raad vernietigde de aangevallen uitspraak en het bestreden besluit, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand conform artikel 8:72, derde lid, Awb. Tevens veroordeelde de Raad het UWV tot vergoeding van proceskosten van appellante en tot vergoeding van het betaalde griffierecht. Hiermee werd het beroep gegrond verklaard, ondanks dat de uitkering niet werd toegekend.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand; het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.