ECLI:NL:CRVB:2007:BB7454
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- K.J. Kraan
- T. van Peijpe
- Rechtspraak.nl
Vergoeding immateriële schade wegens overschrijding redelijke termijn en zorgplicht werkgever
Appellant was jarenlang werkzaam als [naam functie] bij de gemeente ’s-Hertogenbosch en werd wegens ziekte eervol ontslagen. Hij stelde het college aansprakelijk voor psychische schade door schending van de zorgplicht en verzocht om schadevergoeding. Het college wees dit verzoek af, waarna appellant bezwaar maakte en in beroep ging.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat geen sprake was van een schending van de redelijke termijn of een zorgplichtschending. De Centrale Raad van Beroep stelde echter vast dat de procedure ruim vijf jaar en acht maanden duurde, wat een overschrijding van de redelijke termijn volgens artikel 6 EVRM Pro betekent.
De Raad oordeelde dat het college door de lange besluitvorming het recht op een redelijke termijn heeft geschonden en veroordeelde het college tot vergoeding van € 1.500,- immateriële schade. De Raad bevestigde dat er geen sprake was van een zorgplichtschending die schadevergoeding rechtvaardigt, maar handhaafde de rechtsgevolgen van het bestreden besluit.
Daarnaast veroordeelde de Raad het college tot betaling van proceskosten en griffierechten aan appellant. Hiermee werd de procedure deels in het voordeel van appellant beslecht, met name vanwege de overschrijding van de redelijke termijn.
Uitkomst: Het college wordt veroordeeld tot vergoeding van € 1.500,- immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn en betaling van proceskosten.