ECLI:NL:CRVB:2007:BB7459
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- C.P.J. Goorden
- B.M. van Dun
- Rechtspraak.nl
Herziening maatregel WW-korting wegens onvoldoende sollicitatieplicht bij depressieve stoornis
Appellante, voormalig magazijnmedewerkster, ontving een loongerelateerde WW-uitkering na het einde van haar loondoorbetalingsplicht wegens ziekte. Tijdens haar opleiding tot beveiliger liep zij een stage, maar verrichtte zij in een bepaalde periode geen sollicitaties. Het UWV legde haar daarom een maatregel van 20% korting op de WW-uitkering op wegens onvoldoende sollicitatie.
Appellante voerde aan dat zij vanwege een depressieve stoornis niet aan haar sollicitatieplicht kon voldoen. Zij overlegde medische verklaringen van een maatschappelijk werker en een psychiater. Het UWV verklaarde het bezwaar ongegrond na een onderzoek door een bezwaarverzekeringsarts, die oordeelde dat appellante in staat was tot sollicitaties.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante gegrond en matigde de maatregel tot 10% korting, rekening houdend met haar psychische toestand en persoonlijke omstandigheden. De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het UWV onvoldoende zorgvuldig onderzoek heeft gedaan naar de verwijtbaarheid van het niet solliciteren, vernietigt het primaire besluit en legt een lagere maatregel op. Tevens veroordeelt de Raad het UWV in de proceskosten en bepaalt dat het griffierecht wordt vergoed.
Uitkomst: Het primaire besluit tot 20% korting op de WW-uitkering wordt vernietigd en vervangen door een maatregel van 10% korting gedurende 16 weken.