ECLI:NL:CRVB:2007:BB9388
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- K. Zeilemaker
- L.H. Waller
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid tot intrekking bijstandsuitkering wegens niet gemelde financiële transacties
Appellant ontving vanaf januari 2003 een bijstandsuitkering. Uit onderzoek van de gemeente Delft bleek dat appellant betrokken was bij meerdere financiële transacties met grote bedragen, die hij niet aan het College had gemeld. Hierdoor kon het College niet vaststellen of appellant recht had op bijstand.
Het College trok de bijstand met terugwerkende kracht in en vorderde de onterecht ontvangen bedragen terug. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak.
De Raad oordeelde dat de schending van de inlichtingenplicht een rechtsgrond vormt voor intrekking van de bijstand over de gehele periode, niet slechts over de maanden waarin transacties plaatsvonden. Het College handelde binnen zijn bevoegdheid en hield rekening met het gelijkheidsbeginsel. Appellant slaagde er niet in aannemelijk te maken dat hij recht had op bijstand ondanks de transacties. De intrekking en terugvordering zijn daarom terecht.
Uitkomst: De intrekking van de bijstandsuitkering en terugvordering zijn bevestigd wegens niet-naleving van de inlichtingenplicht.