ECLI:NL:CRVB:2008:BC2459
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- J.F. Bandringa
- E. Dijt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering ondanks zorgtaken en psychosomatische klachten
Appellante ontvangt sinds 2000 een WAO-uitkering die in 2005 is herbeoordeeld door een verzekeringsarts en arbeidsdeskundige. Op basis van het onderzoek en een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) concludeerde het UWV dat appellante minder dan 15% arbeidsongeschikt is en trok de uitkering per 4 juli 2005 in.
Appellante maakte bezwaar en voerde aan dat zij door haar zorgtaken en psychosomatische klachten, waaronder flauwvallen, niet in staat is tot arbeid. De bezwaarverzekeringsarts en arbeidsdeskundige bevestigden echter de eerdere conclusies, waarbij werd overwogen dat de zorgtaken geen onderdeel van de WAO-beoordeling vormen en dat er geen medische beperkingen zijn die arbeid onmogelijk maken.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en ook in hoger beroep oordeelt de Centrale Raad van Beroep dat de intrekking terecht is. De Raad benadrukt dat de zorg voor het gezin geen object is van de WAO en dat de door het UWV voorgehouden functies medisch geschikt zijn. Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering van appellante.