ECLI:NL:CRVB:2008:BC2976
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- M.C. Bruning
- K.J. Kraan
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing integrale proceskostenvergoeding bij eervol ontslag ambtenaar
Appellant was in vaste dienst bij het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en kreeg eervol ontslag vanwege procedurele fouten bij zijn aanstelling. Na bezwaar herstelde de minister het dienstverband met terugwerkende kracht en kende een forfaitaire proceskostenvergoeding toe, maar wees een integrale vergoeding af.
Appellant stelde hoger beroep in tegen deze afwijzing en vorderde een volledige vergoeding van de door een derde verleende rechtsbijstandskosten. De rechtbank wees dit af omdat de omstandigheden niet voldeden aan de criteria voor afwijking van het forfaitaire systeem.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel. De Raad oordeelt dat de kosten gemaakt in de voorbereidingsfase niet voor vergoeding in aanmerking komen en dat de door appellant aangevoerde bijzondere omstandigheden onvoldoende zijn om af te wijken van het forfaitaire systeem. Ook is geen sprake van vergelijkbare gevallen waarin volledige vergoeding werd toegekend.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. De Raad ziet geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de forfaitaire proceskostenvergoeding van €644 wordt bevestigd.