ECLI:NL:CRVB:2008:BC3535
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens juiste beoordeling belastbaarheid
Appellante stelde in hoger beroep dat haar belastbaarheid onjuist was vastgesteld, mede vanwege psychische en lichamelijke problemen en het gebruik van medicatie. Het UWV had haar WAO-uitkering ingetrokken op basis van een zorgvuldige medische beoordeling, inclusief eigen onderzoek door een verzekeringsarts en informatie van de huisarts.
De rechtbank had het beroep tegen de intrekking ongegrond verklaard, en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel. De Raad overwoog dat de door appellante aangevoerde nieuwe argumenten in hoger beroep geen aanleiding gaven het eerdere oordeel te wijzigen.
De Raad benadrukte dat het feit dat appellante onder behandeling is van een arts en medicatie gebruikt niet automatisch betekent dat zij meer beperkingen heeft dan aangenomen. De verzekeringsarts had hiermee rekening gehouden en ook de door de huisarts verstrekte informatie was meegenomen in het oordeel.
Appellante had geen aanvullende medische informatie overgelegd die tot een ander oordeel zou moeten leiden. Het hoger beroep werd daarom verworpen en de intrekking van de WAO-uitkering gehandhaafd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering wegens juiste beoordeling van de belastbaarheid.