ECLI:NL:CRVB:2008:BC5695
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering WAO-uitkering na bezwaar en beroep
Appellant stelde hoger beroep in tegen de uitspraak van de rechtbank Maastricht die het beroep tegen het besluit van het Uwv op bezwaar ongegrond verklaarde. Het Uwv had besloten de WAO-uitkering van appellant te herzien en de mate van arbeidsongeschiktheid vanaf 1 januari 2004 vast te stellen op 15-25%, met terugvordering van onverschuldigd betaalde uitkering.
Tijdens het hoger beroep bracht appellant geen nieuwe gezichtspunten naar voren, waardoor de Raad de overwegingen en oordelen van de rechtbank onderschrijft. De Raad sluit zich aan bij het rapport van de bezwaararbeidsdeskundige inzake de toepassing van artikel 44 van Pro de WAO.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling op grond van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. De uitspraak werd gedaan door voorzitter J. Brand en leden I.M.J. Hilhorst-Hagen en J.P.M. Zeijen op 22 februari 2008.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de herziening en terugvordering van de WAO-uitkering wordt bevestigd.