ECLI:NL:CRVB:2008:BC8282
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging indicatie aantal uren huishoudelijke verzorging AWBZ
Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) waarin het aantal uren huishoudelijke verzorging werd vastgesteld. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellante in hoger beroep ging bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad beoordeelde de zaak aan de hand van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) en het Zorgindicatiebesluit. Het CIZ hanteert het Werkdocument Gebruikelijke Zorg, dat stelt dat gezonde volwassen huisgenoten huishoudelijke taken overnemen tenzij sprake is van overbelasting. Uit het onderzoek bleek dat de echtgenoot van appellante ondanks eczeem in staat is huishoudelijke taken te verrichten met gebruik van handschoenen en dat er geen sprake is van dreigende overbelasting.
De Raad concludeerde dat er geen bijzondere omstandigheden zijn die recht geven op extra uren huishoudelijke verzorging. De verklaring van de hulp in de huishouding, die ook persoonlijke verzorging verleent, doet hier niet aan af. Daarom werd de aangevallen uitspraak van de rechtbank bevestigd en het beroep van appellante ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat er geen noodzaak is tot extra uren huishoudelijke verzorging.