ECLI:NL:CRVB:2008:BD4001
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- G.L.M.J. Stevens
- C.G. Kasdorp
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding gebitsrehabilitatie na eerdere eenmalige vergoeding op grond van Wet vervolgingsslachtoffers
Appellante, een vervolgingsslachtoffer geboren in 1943, ontving in 1999 een eenmalige vergoeding voor gebitsrehabilitatie vanwege gebitsklachten voortvloeiend uit vervolging. In 2006 verzocht zij opnieuw om vergoeding wegens verslechterde gebits- en tandvleesproblemen. Verweerster wees dit verzoek af, stellende dat de nieuwe klachten niet uit de vervolging voortvloeiden en dat de eerdere vergoeding de schade had hersteld.
De Raad overwoog dat de eenmalige vergoeding bedoeld is om de door vervolging ontstane schade te herstellen en dat latere kosten voor gebitsproblemen die niet direct verband houden met de vervolging, als normale kosten van levensonderhoud worden beschouwd. Verweerster had aannemelijk gemaakt dat de parodontale aandoening van appellante niet direct voortkwam uit de vervolging, mede gezien het ontbreken van vroege aanwijzingen en het optreden van parodontitis op latere leeftijd.
De Raad nuanceerde wel dat slechte hygiënische en voedingsomstandigheden tijdens oorlogsjaren later kunnen leiden tot verergerde parodontale problemen, maar vond in dit geval onvoldoende bewijs voor een directe causale lijn. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en werd geen vergoeding toegekend voor de nieuwe gebitsproblemen.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een nieuwe vergoeding voor gebitsrehabilitatie wordt afgewezen.