ECLI:NL:CRVB:2008:BF1933
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- C.P.J. Goorden
- R.P.Th. Elshoff
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit voortzetting WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidskundige motivering
Betrokkene viel in 1997 uit wegens psychische klachten en kreeg een WAO-uitkering toegekend. Na een herbeoordeling in 2005 stelde een verzekeringsarts beperkingen vast die werden vertaald in een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML). Op basis hiervan stelde een arbeidsdeskundige functies vast en berekende het UWV een verlies aan verdiencapaciteit van 14,9%, waarna de WAO-uitkering werd ingetrokken.
De rechtbank oordeelde dat de medische beperkingen juist waren vastgesteld, maar dat het arbeidskundige deel onvoldoende inzichtelijk was omdat een lijst met normaalwaarden en interpretatiekader ontbrak. De rechtbank vernietigde het arbeidskundige deel van het besluit en gaf het UWV opdracht tot een nieuw besluit.
In hoger beroep oordeelt de Raad dat de arbeidskundige beoordeling geen zelfstandig deelbesluit vormt en dat het ontbreken van een lijst met normaalwaarden niet vereist is. De Raad vindt de medische beoordeling juist en acht de toelichting op de functies in het hoger beroep voldoende. De eerdere uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd, het bestreden besluit wordt geheel vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand. Het UWV wordt veroordeeld in de proceskosten van betrokkene.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt geheel vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.