ECLI:NL:CRVB:2008:BG5539
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- J.J.A. Kooijman
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering bijstand wegens niet gemelde werkzaamheden in lunchroom
Appellante ontving sinds 1991 bijstand en werkte vanaf 2002 onbetaald in een lunchroom zonder dit te melden aan het College van burgemeester en wethouders van ’s-Gravenhage. Het College herzag daarom haar bijstand over de periode 2002-2004 en vorderde een bedrag van €15.041,10 terug wegens schending van de inlichtingenverplichting.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond maar liet de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand. Appellante ging in hoger beroep tegen de omvang van de werkzaamheden en de gehanteerde beloning. De Raad bevestigde dat appellante dagelijks ongeveer twee uur hielp, zes dagen per week, en dat het College terecht een fictief inkomen op basis van het wettelijk minimumloon mocht hanteren vanwege het ontbreken van daadwerkelijke beloning.
De Raad oordeelde dat het College bevoegd was de bijstand te herzien en terug te vorderen conform de WWB en het bestuursrecht, en dat appellante door het niet melden van haar werkzaamheden de inlichtingenverplichting heeft geschonden. Het hoger beroep werd afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de herziening en terugvordering van bijstand worden bevestigd.